Ga naar de inhoud

De Lange Heul - ONF Groepen Overzicht 2026 versie 5.0

Menu overslaan
Menu overslaan
ONF Groepen NL
Groep Sagen
De Lange Heul
(Tussen Bussum en Laren)
Eeuwen geleden woonden er reuzen in Gooiland. Zij waren niet slecht en wreed, zoals reuzen soms zijn. Zij waren alleen maar groot en sterk en ruw. Op een avond in september zat de vrouw van een der reuzen ijverig te spinnen, terwijl zij een opgewekt wijsje zong. Lustig snorde het wiel. Plotseling ging de deur open. Een lange man, gehuld in een wijde mantel, stapte binnen. Op barse toon vroeg hij om nachtverblijf.

De reuzin liet het spinnewiel rusten.
“Iets meer beleefdheid zou geen kwaad kunnen”, meende zij.
De man zweeg en bleef bij de deur staan.

Enige tijd keek zij oplettend naar hem. Zijn manieren bevielen haar niet.
“Kom wat dichter onder het licht”, verzocht ze. “Ik wil u wel eens in de ogen zien. En zet uw muts af!”
De vreemdeling gehoorzaamde.
Toen de reuzin zag, dat hij mank liep, dacht zij: “Ai, ai, dit is een gevaarlijk teken. Ik moet een beetje met hem oppassen.

Daarna besloot ze: '”Mijn man komt aanstonds thuis, dan kunt ge mee-eten en zien wij verder. Ga nu maar bij het vuur zitten.”
Het heerschap knikte. Zwijgend nam hij plaats en staarde in de vlammen. De reuzin zette haar werk voort. Geen woord werd gesproken.
Een poosje later kwam de reus thuis.
“Vrouw”, riep hij, “ik heb trek in pannenkoeken.”
“Dat treft goed”, antwoordde zij lachend. “Het deeg staat al te rijzen. Maar luister eens. Haal jij dan straks voor mij mooi, fijn zand, opdat ik de koekenpan weer schoon kan schuren. De ene dienst is de andere waard... Buurman, aan gindse kant van de hei, heeft er zand en zal je er graag wat van geven.”

“Dat wil ik voor je doen”, grinnikte hij tevreden.
Toen zag hij de man, die stil bij het vuur zat.
“Wie is dat, vrouw?”
“Een vreemdeling, die nachtverblijf zoekt.”
“Zo... hmmm...”, zei de reus langzaam, alsof hij diep nadacht.

Dan ging hij ook bij het vuur zitten.
“Koman, waarde heer, zullen we spelen?”
De man keek op en begreep. Ja, hij wilde wel. Even later rolden de geluksstenen. En liet de mede [1] zich smaken. De vrouw bakte pannenkoeken.
Steeds verloor de reus. Geen enkele worp gelukte hem. Hij snapte er niets van en werd korzelig. Of kwam het door de honger? Of door de vurige drank?

“Vooruit, wijf!” grauwde hij. “Schiet toch wat op.”
De vreemdeling lachte een beetje.
Niet lang daarna begonnen zij te eten. De reus vroeg niets. Hij eerbiedigde het gastrecht, dat vreemdelingen heilig heet.

“Ziezo”, sprak hij eindelijk, “ik ben klaar. Mijn buik is rond van de heerlijke pannenkoeken. En gij, zwijgzame heer?”
“Mijn buik staat nooit span.”
“Nooit?”... Verbaasde de reus zich. “Dat is zonderling.”
Een poosje was het stil.

“Ga nu maar ’t zand voor me halen, zoals je beloofd hebt”, zei de vrouw. “Hier is een flinke zak. Misschien wil onze gast je wel gezelschap houden om de weg te korten.”
Zij vertrouwde het heerschap niet erg en was hem graag kwijt.
De vreemdeling knikte instemmend. Tezamen liepen de mannen over de heide. Plotseling zag de reus, dat zijn gezel mank liep.
“Het valt niet mee, hè?” plaagde hij, “om met een kreupele poot hier te springen. Wat doe je ook met zo’n ongelukkig ding.”
De ander antwoordde niet.

“Ik zal hem ’s goed laten huppelen”, dacht de reus. “Bij ’t spel en aan de maaltijd was hij mij de baas, maar nú... haha.” En hij nam steeds grotere passen.
Steeds moeilijker kon de vreemdeling hem bijhouden. Tenslotte maakte deze de raarste sprongen. De sterke Gooilander had schik.
“Allemachtig!"’ riep hij eensklaps. “Als ik het goed zie, ben jij de heer met de hoef!”
“Dat is voor mij geen nieuws”, lachte de duivel.

Maar onder ’t voortgaan zon hij op wraak. Hij zou die lachende en sarrende reus wel eens leren.
Buurman had de zak gevuld met fijn, wit schuurzand. De beide gezellen waren op de terugweg.
“Wat is de hei hobbelig en donker”, klaagde de hoefheer. “Jij moest maar voorop gaan. Dat is voor mij gemakkelijker.”
“Zoals je wilt, manke poot”, grinnikte de ander.
Licht, alsof ’t een veertje was, droeg de reus het zand. Wat maalde hij om zo’n vrachtje? Dit of helemaal niets, maakte voor hem geen verschil.
Direct achter hem hinkte de duivel. Een vals lachje plooide z’n mond. Voorzichtig sneed hij onder in de zak een scheur. Langzaam vloeide het fijne zand weg. De reus merkte ’t niet!
Lachend en pratend gingen zij verder. Waar de paardenhoef stapte, kwam een vlammetje uit de grond...

“Ben je daar eindelijk weer”, zei de reuzin, toen de mannen thuiskwamen. “Is me dat wachten! En gaf de buurman geen zand mee?”

“Natuurlijk wel”, antwoordde haar man. “Een hele zak vol.”

“Je kletst!” riep zij kwaad. “De zak is leeg!”

Niet denkende aan de vreemdeling, gaf ze de reus een pats, dat het klapte, en nog een en nog een.
“Mij voor ’t lapje houden, hè”, snerpte zij. “Ik zal jou!”
Een gierende schaterlach klonk. Onthutst keek de reuzin terzijde. Het heerschap was verdwenen.
Nooit meer vergat de reus, dat hij de heer-met-de-hoef geplaagd en uitgelachen had.
Wie de heide opgaat en de toren van Bussum recht in ’t oog houdt, moet de Lange Heul over. Als een smalspoor ligt daar nog altijd het zand, door de reus eens verloren.

En het gerucht wil: Wanneer ge op een avond in herfstmaand de Lange Heul oversteekt, kan het treffen, dat ge blauwe en rode vlammetjes ziet. Daar zette eenmaal de duivel zijn paardenhoef neer.
Sommige mensen beweren zelfs, dat zij de plek weten waar de reuzin haar man afroste. Maar dat zal wel grootspraak zijn.

[1] Mede = een bedwelmende drank, die de Germanen uit honing bereidden.

Rechten:
De liedjes behorend bij de serie "Historische verhalen, sagen en legenden" uit het Gooi’ zijn auteursrechtelijk beschermd. Het muziekbestand wordt in deze bijdrage uitsluitend beschikbaar gesteld ter beluistering. Downloaden, opslaan, delen, herpubliceren, bewerken of elders plaatsen is niet toegestaan zonder voorafgaande toestemming van de rechthebbende(n).
Het muziek label "Kwapoets" is onderdeel van de stichting ErfGoedGezien Nederland.

Bron:
“Naerdincklant” Prof. A.C.J. de Vranckrijker (1947)
“Gooise Legenden” Henk de Weerd (1960)
“Verhalen opgetekend uit de mond van Gerard Zieltjens” (1957 – 1967)
“Bewerking en hertaling”: Ad Bakker (2018)
“Illustraties”: Rob Numan (2025)
“Liedjes, tekst en muziek”: Ad Bakker (2023)
Luister naar het verhaal lied
De Lange Heul
00:00

(c) 2020 - 2026 Stichting ErfGoedGezien Nederland
Werkgroep ONF (In Oude & Nieuwe Foto's)  
info@onfgroepen.nl
Terug naar de inhoud